)
De transitievergoeding bij mediation: afwijken van de wettelijke norm
De transitievergoeding is de wettelijke vergoeding die je als werkgever betaalt wanneer je een arbeidsovereenkomst op jouw initiatief beeindigt. De hoogte ligt in de wet vast. Toch is die norm in de praktijk vaker een startpunt dan een eindpunt: aan de onderhandelingstafel van een mediation komen werkgever en werknemer regelmatig tot een ander bedrag.
Result ADR analyseerde de uitkomsten van zestig exit mediations en vergeleek die met de wettelijke transitievergoeding. Wat blijkt? In een kwart van de zaken landt de vergoeding precies op de norm, maar in driekwart wijkt het bedrag er bewust van af. Dit artikel legt uit hoe de transitievergoeding bij mediation werkt en wat de cijfers je vertellen over de onderhandelingsruimte.
19-8-2024
4 min. leestijd
Wat is de transitievergoeding bij ontslag?
De transitievergoeding is geregeld in artikel 7:673 van het Burgerlijk Wetboek 2. Als werkgever ben je die vergoeding verschuldigd wanneer de arbeidsovereenkomst op jouw initiatief eindigt: bij ontslag, bij het niet verlengen van een tijdelijk contract, of wanneer de werknemer opstapt door ernstig verwijtbaar handelen van jouw kant.
Sinds de Wet arbeidsmarkt in balans (1 januari 2020) bouwt de werknemer de vergoeding op vanaf de eerste werkdag. De berekening is eenvoudiger dan onder de oude regeling: je rekent een derde maandsalaris per gewerkt dienstjaar, ook over een gedeeltelijk jaar 1. De oude tweejaarseis en de hogere opbouw na tien jaar dienst zijn vervallen.
Aan de hoogte zit wel een plafond. De transitievergoeding bedraagt in 2026 maximaal 102.000 euro bruto, of een bruto jaarsalaris als de werknemer meer verdient dan dat bedrag. Dit maximum wordt jaarlijks aangepast aan de loonontwikkeling 1. Daarnaast gelden wettelijke opzegtermijnen van een tot vier maanden, afhankelijk van de duur van het dienstverband.
De transitievergoeding in mediation: waarom afwijken loont
De wet geeft een ondergrens, geen absoluut eindbedrag. In een mediation kunnen partijen onderhandelen over zowel de vergoeding als de opzegtermijn, en bewust van de wettelijke norm afwijken. Die ruimte is waardevol: een beeindiging met wederzijds goedvinden voorkomt een gang naar de kantonrechter en houdt de relatie zakelijk.
Result ADR onderzocht zestig exit mediations en zette de afgesproken vergoeding af tegen de wettelijke standaard. In een neutrale mediation zoeken beide partijen naar een uitkomst die recht doet aan het onderliggende belang, niet alleen aan de rekensom. Wil je weten wat zo'n traject kost? Lees dan meer over wat een mediator kost.
Ter vergelijking: een geschil dat via advocaten en de rechter loopt, kost doorgaans meer tijd en geld. In ons overzicht van de advocaatkosten bij exit mediation lees je hoe die kosten zich verhouden tot een mediationtraject.
Onderhandelingsresultaat: erboven, eronder of precies erop
Precies erop: in een kwart van de zaken kwam het resultaat van de onderhandelingen exact overeen met de wettelijke norm. In zeven procent van die gevallen werd de opzegtermijn omgezet in een aanvullende geldbedrag.
Eronder: in ongeveer dertig procent van de mediations lag de vergoeding onder de wettelijke norm. Hier viel de uitkomst gunstiger uit voor de werkgever, met een lagere of vervallen vergoeding, terwijl de opzegtermijn meestal in stand bleef.
Erboven: in zesenveertig procent van de zaken kwam de vergoeding boven de wettelijke norm uit. Dat pakte voordelig uit voor de werknemer, door een hoger bedrag en soms een verlengde opzegtermijn.
Gemiddelde afwijking: klein in euro's, groot in procenten
Geen absolute afwijking: gemiddeld week het afgesproken bedrag slechts 0,2 maand (vijf procent) naar boven af, gerealiseerd via een langere opzegtermijn. In euro's oogt het verschil met de wet dus bescheiden.
Wel procentuele afwijking: procentueel bedroeg de gemiddelde afwijking achttien procent. Dat weerspiegelt dat kleine contracten verhoudingsgewijs een grotere opslag krijgen: een paar honderd euro extra telt bij een kort dienstverband zwaarder mee dan bij een lang.
Spreiding: wie weg wil, betaalt
De verdeling van de uitkomsten laat twee pieken zien, zowel duidelijk boven als onder de norm. Bij een afwijking in het voordeel van de werknemer bedroeg het gemiddelde verschil eenenveertig procent; in het voordeel van de werkgever tweeendertig procent.
Deze spreiding weerspiegelt het onderliggende conflict. Zijn beide partijen het eens over de beeindiging, dan ligt een relatief neutrale uitkomst voor de hand. Wil de ene partij veel sterker weg dan de andere, dan verschuift het resultaat navenant. Kort gezegd: wie weg wil, betaalt.
Conclusie
Gemiddeld lijken de afwijkingen van de transitievergoeding bescheiden, maar wie naar de richting van de afwijking kijkt, ziet forse verschillen: ongeveer veertig procent in het voordeel van de werknemer en dertig procent in het voordeel van de werkgever. Het patroon volgt de vraag wie het initiatief tot beeindiging nam.
De les voor de praktijk: de wettelijke transitievergoeding is een ijkpunt, geen keurslijf. In een goed begeleide mediation bepaalt niet de rekensom maar het onderliggende belang de uiteindelijke uitkomst. Overweeg je een exit mediation of wil je sparren over een beeindiging? Neem contact op met Result ADR en ontdek wat er in jouw situatie mogelijk is.
Bronvermelding
1. Rijksoverheid, Hoe hoog is de transitievergoeding als ik word ontslagen? (2025). https://www.rijksoverheid.nl/vraag-en-antwoord/ontslag/hoe-hoog-is-de-transitievergoeding-als-ik-word-ontslagen
2. Wetten.overheid.nl, Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 673 (Transitievergoeding). https://wetten.overheid.nl/BWBR0005290/2025-07-18/0/Boek7/Titeldeel10/Afdeling9/Artikel673
Wij lossen jouw conflict op
Elk conflict is anders en wij helpen je graag verder bij het maken van de juiste keuzes. Zin om kennis te maken? Wij maken graag een afspraak voor een persoonlijk gesprek of een videocall.